
Tour de France - Abrahamsen stunt maand na sleutelbeenbreuk met ritzege: "Zat na een dag al op de rollen"

"Ik brak vier weken geleden mijn sleutelbeen in de Belgium Tour. Toen ik in het hospitaal lag, was ik aan het wenen, want ik dacht dat ik de Tour niet meer zou kunnen rijden", klonk het. "Maar de dag nadien zat ik al opnieuw op de rollen, in de hoop toch de Tour te halen. Iedere dag heb ik er alles aan gedaan om terug te keren. Hier nu een rit winnen, dat is ongelooflijk."
Ook opmerkelijk is dat Abrahamsen woensdag de eerste aanvaller was, van bij kilometer 0. "Ik sprong meteen weg vanachter de auto. Maar ook Mauro Schmid (tweede in de rituitslag) was zo sterk vandaag. In de sprint was het zo moeilijk om hem voorbij te gaan. Ik kon alleen maar denken: 'Ik moet deze Tourrit winnen. Ik moet het!'. En zo kreeg ik toch een wiel voorsprong op hem."
Abrahamsen is bekend omwille van zijn onnavolgbare aanvalswerk, maar reed in deze Tour duidelijk passiever dan vorig jaar. "Veel mensen vroegen me waarom ik minder in de aanval reed, en waarom ik niet voor de bergpunten ging. Maar het hoofddoel van de ploeg dit jaar was om een ritzege te nemen, dan moest ik een beetje slimmer koersen. Vorig jaar was ik moe na veertien dagen in de bolletjestrui, en zo kon ik niet meer winnen. Nu is het wel gelukt om mijn droom waar te maken."



