
La Liga - FC Barcelona wint Clasico tegen Real Madrid na blitzstart en mag 29e landstitel vieren

El Clasico tussen de twee tenoren uit het Spaanse voetbal is jaarlijkse kost, maar het was nog maar de tweede keer in de geschiedenis dat de clash tussen Barça en Real rechtstreeks beslissend was voor de titelstrijd. Eerder was dat op het einde van het seizoen 1931-1932 het geval. Toen had het toenmalige Madrid FC, zoals het huidige Real toen door het leven ging, op de slotspeeldag genoeg aan een 2-2-gelijkspel in Barcelona, omdat uitdager Athletic Bilbao het seizoen had afgesloten met een nul op zes. De Spaanse competitie zag er destijds heel wat anders uit, met slechts tien deelnemende clubs en amper achttien speeldagen.
Voor Barcelona is het de 29e landstitel uit de clubgeschiedenis, de tweede op rij. Vorig seizoen loodste Hansi Flick de Catalaanse trots naar een eerste titel sinds 2023. Daarnaast is het ook de zevende landstitel in elf jaar. Real Madrid blijft met 36 titels wel de recordhouder.
Hoewel het allemaal wat minder spectaculair oogde dan vorig seizoen, was het toch al een tijdje duidelijk dat de titel voor het tweede jaar op rij naar Barcelona zou gaan. Nadat Real het gaandeweg het seizoen steeds meer liet afweten, was Barça in de eigen competitie op weinig missers te betrappen. In totaal verloren ze dit seizoen in La Liga slechts vier keer. De laatste competitienederlaag dateert intussen van medio februari in de derby tegen Girona. Tussendoor werd ook nog de Spaanse Supercup gewonnen. Zowel in de Copa del Rey (halve finales) als in de Champions League (kwartfinales) was Atlético Madrid de boosdoener.



